Woensdag 1 april

Vergeet niet om je naam in te vullen in het witte vlak hieronder. Als je na de laatste vraag op  "Submit" klikt zie je de antwoorden. Woensdag 1 april

Name
1. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde zinsdeel is:

2. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde zinsdeel is:

3. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde zinsdeel is:

4. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde zinsdeel is:

5. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde woord is:

6. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde woord is:

7. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde woord is:

8. 


De jarige Teun geeft zijn beide broers een flink stuk taart.

Het gekleurde woord is:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *